Rapportage over het maritiem-archeologisch onderzoek aan het Palmhoutwrak bij Texel

Van alle vormen van maritiem-historisch onderzoek is een archeologisch project wel het meest uitdagend. Allerlei experts, ieder op een eigen vakgebied, moeten samen vragen beantwoorden die voor een deel buiten het eigen specifieke vakgebied liggen en het is dan voor de projectleider om dat te coördineren en de uiteindelijke rapportage op een ook voor buitenstaanders heldere en begrijpelijke manier te presenteren.

Dat zo’n uitdaging tot een prachtig resultaat kan leiden, laat het recent verschenen boek Wereldvondsten uit een Hollands schip zien. Centraal staat een ten oosten van Texel bij het Burgzand aangetroffen scheepswrak: het “Palmhoutwrak” of – voor de onderzoekers – BZN17. Vrij recent heeft het de aandacht getrokken door de vondst van een zijden japon (waarvan enkele externe historici eerst ten onrechte dachten dat die aan een Engelse hofdame had behoord), goed geconserveerd textiel, boekbanden en andere zeldzame objecten. Experts op het gebied van textiel, boeken, oud geschut, scheepsbouw, sierraden en edelsmeedkunst werd gevraagd om de vondsten te onderzoeken, om antwoord te geven op vragen als: wat voor een scheepstype is het geweest, wanneer is het gebouwd en vergaan, wat was de scheepsnaam en hoe moeten we het gevonden materiaal interpreteren? Arent Vos, maritiem-archeoloog van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), werd door de provincie Noord-Holland verzocht om het vondstcomplex te verwerken en te zorgen voor een archeologische basisrapportage. Hij schreef een belangrijk deel van de hoofdstukken en samen met Birgit van den Hoven en Iris Toussaint vormde hij de redactie van dit onderzoeksverslag, dat de huidige kennis en inzichten met betrekking tot het wrak aangeeft.

Het begon allemaal in 2009, toen leden van de Duikclub Texel op bijna negen meter diepte in het noorden van het Burgzand, nog op de historische Rede van Texel, een wrak vonden en in 2014 daarin veel zeldzame en kostbare stukken textiel, boekbanden en verguld zilveren voorwerpen ontdekten.  Ze vonden dat deze voorwerpen door deskundigen moesten worden geconserveerd. Daarom zochten ze contact met het Museum Kaap Skil en de gemeente Texel en zo kwam het tot een project waarvoor de provincie Noord-Holland voorlopig 1,2 miljoen euro ter beschikking heeft gesteld. Een bijzonder project vanwege de goede samenwerking tussen de leden van de duikclub – de amateurs – en de professionele duikers van de RCE. Elk met hun eigen “best practices”: de een ontdekte snel recent aan de oppervlakte gekomen objecten, de ander voegde daar het systematisch in kaart brengen van de vondsten aan toe en borgde daarmee het overzicht op de samenhang van bepaalde vondsten.

Bij de conservering was snelheid geboden, in het bijzonder voor het textiel. Dat heeft prachtige en unieke resultaten opgeleverd: behalve de al genoemde zijden rok een paar zijden kousen, een kaftan en een Perzisch tapijt. De lading bestond uit buxushout (“palmhout” vanwege de band van buxustakken met Palmpasen) en aardewerk uit Frankrijk en Italië: aanwijzingen dat het vaargebied waarschijnlijk de Middellandse Zee is geweest. Het wrak is waarschijnlijk een Straatvaarder geweest die op de Middellandse Zee voer. Waarschijnlijk was het een Nederlands schip omdat de kanonnen en een waszegel wijzen op de Admiraliteit van Amsterdam, een tinnen kan een Amsterdams merk heeft en het keukengerei voor een deel bestond uit Nederlands aardewerk. Het gaat vanwege de constructie vermoedelijk om een pinas, gebouwd in of omstreeks 1645. Er vanuit gaande dat een schip in die tijd 15 tot hooguit 25 jaar meeging, wordt het jaar van vergaan geschat op ergens tussen 1645 en 1670. Maar veel (detail)vragen zijn nog niet beantwoord en vereisen verder onderzoek. Dat kan, want het wrak is slechts onderzocht voor zover het boven de zeebodem uitstak. Er valt dus nog meer te ontdekken. Dat is belangrijk, want over de Nederlandse Straatvaart in de zeventiende eeuw is tot nu toe nog weinig bekend, ook al hebben o.a. Hermann Wätjen (1909), Jonathan Israel (1986) en Marie-Christine Engels (1997) een tip van de sluier opgelicht.

In het bijzonder fraai geïllustreerde boek vertellen experts over hun vakgebied, zoals textielgeschiedenis van de eerste  helft van de zeventiende eeuw, wapensmeed- en edelsmeedkunst uit die periode, het gebruik van lantarens en pompen aan boord van schepen in de zeventiende eeuw, boekbinden, schoenlappen en nog vele andere zaken.

Het boek is verkrijgbaar via Museum Kaap Skil in Oudeschild op Texel, Huis van Hilde in Castricum en via Batavialand in Lelystad.

Vos, Arent D. e.a., Wereldvondsten uit een Hollands schip. Basisrapportage BZN17/Palmhoutwrak (Birgit van den Hoven, Iris Toussaint red.; Haarlem 2019)

Dit bericht werd geplaatst in Blog, Boeken, Nieuws. Bookmark de permalink .